Vakantieverhalen zijn meestal dodelijk saai. Ik kan het best begrijpen dat mensen hun vreugde willen delen met mij, maar met details over skimutsen schiet ik weinig op. ‘Leuk zeg, en die muts had je gedurende je hele vakantie gewoon op? Jij bent me er toch eentje.’
Ook ik was vorige week op vakantie, zodat ik mijn vrienden erna lastig kon vallen met verhalen over Duitse bierbuiken. Ik bivakkeerde in een studentenkamer in Tübingen, Duitsland (waar anders vind je Duitse bierbuiken?). Mijn vriendin woont daar. Vooraf vroeg ze mij of ik mijn denkbeeldige vriend Bob thuis wilde laten. Meiden ook, die willen altijd alle aandacht. Toch werd het ook zonder Bob een leuke week. Op de elfde verdieping heeft ze een prachtig uitzicht. Lang hebben we staan staren naar bushaltes, en we lachten als mensen de bus misten. Na een paar uur realiseerden we ons dat we heel zielig bezig waren, en besloten we iets te gaan drinken. ‘Ich möchte einen Bananensaft, bitte.’
Ze wachtte tot mijn trein vertrok om mij uit te zwaaien. Of om er zeker van te zijn of ik wel echt weg zou gaan. Even leek het erop alsof ze huilde, maar dat zullen wel tranen van blijdschap geweest zijn.
In Plochingen moest ik overstappen. Een oud vrouwtje dat even daarvoor met een zaklamp in een prullenbak scheen, kwam naar mij toegelopen en mompelde iets onverstaanbaars.
‘I’m sorry, I can’t speak German’, luidde mijn antwoord. Ze probeerde het vervolgens in het Engels, wat de verstaanbaarheid niet bepaald ten goede kwam. Ik besloot haar te negeren, maar het vrouwtje gaf niet op.
‘Cold, cold,’ zei ze en wees vervolgens naar de wachtkamer op het perron, ‘warmer there!’
‘Thank you, ma’am, but my train arrives in two minutes.’
Toen vertrok ze maar alleen naar de wachtkamer. Dat was al de tweede die ik die nacht eenzaam achterliet. Schoft die ik ben.
donderdag 23 oktober 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
1 opmerking:
HA LOEKMAN! Vet goed vind ik je verhaal!!!
-NOortje
Een reactie posten