donderdag 30 oktober 2008

'Sarkozy verliest van voodoopop'

De Franse president Nicolas Sarkozy heeft nul op het rekest gekregen in zijn strijd tegen een voodoopop die angstvallig veel gelijkenis met hem vertoont. Een rechtbank in Parijs oordeelde woensdag dat de pop valt binnen het recht op vrije meningsuiting en het recht op humor.

Eerder deze maand diende Sarkozy een klacht in tegen de producenten van de pop. Direct schoten de verkoopcijfers omhoog van het pretpakket, dat ook naalden bevat en een voodoopop van Ségolène Royal, Sarkozy’s rivale tijdens de presidentsverkiezingen van vorig jaar.

Dit bericht was woensdag te lezen op Telegraaf.nl. Naalden steken in een pop is dus afgedaan als 'vrije meningsuiting'. Prima, maar 'het recht op humor'? Zou ik de enige zijn die daar nog nooit van heeft gehoord..?

"Tiesto pikte mijn melodietje"

Nederlands trots Tijs Verwest (a.k.a. dj Tiesto) wordt door zijn ‘collega’ DJ Michiel de Jong voor de rechter gesleept.
De Jong
beschuldigt de dj van plagiaat, zei zijn advocaat Yehudi Moszkowicz donderdag in Utrecht.
Dj de Jong produceerde in 2003 het nummer ‘Swiwal’ en stuurde die op naar Black Hole Recordings, de maatschappij van Tiesto. Tot zijn grote verbazing hoorde hij enkele jaren later (2007) de belangrijkste maten uit zijn nummer terug in ‘Elements of Life’.
Elements of Life, een nummer uitgebracht door Black Hole Recordings, bevat ongeveer zestien seconde lang een melodietje die de Jong ooit zelf verzon, zo beweerd Moszkowicz.

Black Hole Recording ontkent uiteraard en zegt pas in 2008 voor het eerst een demo van de Jong te hebben ontvangen, dit was tevens de eerste keer dat ze van hem hoorde.
Woordvoerster van de maatschappij, Margriet Koedooder, zegt nog niet op de hoogte te zijn van aangifte. Wel vroeg zij de Jong’s advocaat om bewijzen.
Moszkowicz die beweert stevig bewijs in handen te hebben geeft deze echter niet vrij.

zondag 26 oktober 2008

Speeltuin Dubai

Ik hou van gebouwen. Niet zomaar een bouwseltje natuurlijk, mooie architectuur, dat wil ik zien. Wat dat betreft is het best vreemd dat ik nooit architectuur ben gaan studeren, maar dat is een ander verhaal. Je kent vast wel de Burj Al Arab. Niet bij naam, maar als je het plaatje ziet, dan weet je gelijk waar ik het over heb. Dat gebouw is zo'n beetje het handelsmerk van Dubai, stinkend rijk oliestaatje aan de Perzische Golf.

Inmiddels heeft Dubai een
skyline waar je u tegen mag zeggen. Zo staat er al bijna de Burj Dubai (de toren van Dubai). Die moet 818 meter hoog worden en daarmee het hoogste gebouw ter wereld, slechts 309 meter hoger dan de huidige koploper, de Taipei 101. En dat is niet alles, wat dacht je van projecten als de Dubai Palm en de The World. En als klap op de vuurpijl moet er in 2020 een gebouw komen te staan van meer dan een kilometer hoog. En dan heb ik het alleen nog maar over de projecten gehad die een beetje in de media zijn geweest.

Gaaf zou je denken, maar ik vind van niet. Dubai is een aftandse zandbak waar rijkaards het ene onsamenhangende gebouw de grond uit stampen na het andere. Het is er lelijk.
New York heeft allure, net als Hong Kong. Dubai is niets meer dan een speeltuin.

Maar misschien is dat wel iets goeds, want zoals we allemaal weten raakt de olie daar ook op. Sterker nog, waar je zou verwachten dat dit soort staatjes er alles aan doen om olie belangrijk te houden, komen ze met groene oplossingen. Zie hier de
Burj Al-Taqa. Deze toren kan zichzelf volledig van energie voorzien door middel van wind en zonne energie. Er zijn zelfs plannen om de wateroppervlakte te voorzien van enorme zonnecellen, die heel Dubai van energie zouden moeten voorzien. Waar we in het westen bijna niet meer aggressief durven te investeren in bijzondere projecten, smijten ze er in Dubai (en ook Abu Dhabi en Qatar) overal geld tegenaan.

Het is alleen zo jammer dat het er zo lelijk is. Maar gelukkig is er nog ergens op de wereld waar er een speeltuin is die met innovatieve plannen komt. Al had die Burj Al Arab best in het zure krenterige westen mogen staan, want in die afschuwelijke speeltuin hoort hij niet thuis.

Rode laarsjes en meisjes in het midden...

Vrijdagmiddag. Na een lange dag op school zit ik dan eindelijk ik de bus, op weg naar mijn ouders in Weert. Hijgend, kreunend en steunend laat ik mij zakken op een van de stoelen van het voertuig....dat was op het nippertje! Met een beetje geluk haal ik mijn trein nog en ben ik op tijd voor het inzingen: met mijn koor neem ik vanavond deel aan een concert in mijn geboorteplaats.

Nog moe van het uitje naar Pauw en Witteman en de slaap die ik daardoor gemist heb zit ik vaag voor mij uit te staren. Schuin tegenover mij volgt een meisje mijn voorbeeld. Binnenpretje. Ze heeft iets weg van een van de achtergrondzangeressen van Ilse de Lange die we gezien hebben tijdens het optreden bij Pauw en Witteman. Zal ik X even sms'en? X viel namelijk als een blok voor 'het meisje in het midden' en terwijl wij de rode laarsjes van Jeroen Pauw evalueerden kon hij aan niets anders denken dan aan haar....want 'wat was ze een ongelofelijk lekker ding'. Ik lach om het idee dat 'het meisje in het midden' tegenover mij zou zitten en hervat het staren.
Na een korte busstop schuif ik een plaats op, zodat het meisje dat net binnenkomt ook kan zitten en niet heen en weer geslingerd hoeft te worden in het gangpad. Ze neemt plaats en wanneer ik haar even aankijk om gedag te zeggen, kan ik mijn ogen niet geloven....naast mij heeft achtergrondzangeres nummer 2 plaatsgenomen! Ze praten over ditjes en datjes en vermaken zich kostelijk, terwijl ik mij af zit te vragen hoe ik ze het beste aan kan spreken...
Uit de flarden die ik van het gesprek meekrijg maak ik op dat ze haast hebben en bij het station uit de bus zullen stappen. Ik weet dat ik snel moet zijn, anders is mijn kans verkeken....maar ik voel mij bezwaard om midden in een gesprek te onderbreken als een klein kind dat een handtekening wil....
Het station komt in zicht, ik hoor ritsen dichten om passagiers te weren tegen de ijzige kou, ik hoor het heen en weer gesleep van koffers en het dichtklappen van stoelen. Dan flitst het door me heen: je wordt journalist...nieuwsgierig zijn is een must, aan schijtlijsters hebben ze niets! Het gesprek tussen de meiden valt stil en ik grijp mijn kans. 'Mag ik wat vragen? Waren jullie woensdagavond niet in de studio van Pauw en Witteman?' Twee paar ogen kijken mij vragend aan. Even schiet door me heen dat het misschien niet de meiden zijn die ik voor ogen had, maar mijn gedachten worden ruw verstoord: 'was jij daar ook dan?'
Een gesprek volgt. Was X maar hier, die kon zijn geluk niet op! 'Het is inderdaad een kleine wereld....in de bus notabene!' Daar sluit ik mij bij aan. Ik groet vriendelijk en zet mijn reis richting Limburg voort, mij afvragend of ik het telefoonnummer van X bij me heb.

‘Zolang wij het niet zien, gebeurt het niet..’

Zaterdagavond, Veghel. Mijn kleine nichtje moet optreden in de Stapperij. Ze zingt. Ik ga er natuurlijk heen, ben die- hard fan. Samen met een andere band treedt ze op voor het goede doel: tegen borstkanker.

De andere band begint. Ze spelen covers. De gemiddelde leeftijd is ongeveer 40 jaar. Ik sta langs een paal en zie er een sticker op zitten waarop een sigaret staat en daar over heen een groot rood kruis. Achter die paal staat een vrouw te roken. En een stukje verder staat er ook nog een man te roken. Ik zie steeds meer mensen roken. Vraag me af of die sticker soms een grap is. Dan zie ik een barman achter de bar roken. Ik begrijp er niks meer van en besluit uitleg aan die barman te gaan vragen. Over de bar hangend vraag ik hem:

-‘Mag ik hier roken?’
‘Zolang wij het niet zien, gebeurt het niet meisje.’
Aha, op die manier.
-‘Dus jullie riskeren die geldboetes gewoon?’
‘Ja de mensen hier willen gewoon roken. Wie zijn wij om ze tegen te houden? Bovendien, als er geen asbakken op de tafels staan kunnen ze ons toch niet pakken.’
-‘En wat als iemand jullie nu verlinkt?’
‘Dat gebeurt niet.’
-‘Weet je ’t zeker?’
‘Ja, zeker.’

Ik weet dat deze kroeg niet de enige is die zich niet aan de regels houdt. Een vriendin van me vertelde dat er in Schijndel ook zo’n kroeg zit. 90 procent van klanten rookt er. Elke keer als ze roken doen ze wat geld in een pot. Voor als de Voedsel en Waren Autoriteit langs komt...

Later die nacht zitten we wat na te praten in een eettentje in Schijndel. Er komt een flink aangeschoten jongen binnen. Hij zit nog niet of zijn sigaret brandt al. Een jongen van de bediening komt naar hem toe en pakt de sigaret af. Zo kan het dus ook.

Ik ben niet tegen roken. Maar raak er wel aan gewend dat de horeca voortaan rookvrij is. Ik heb het geaccepteerd. Dat geldt voor veel andere Nederlanders dus niet.

zaterdag 25 oktober 2008

Salade met gebakken ...

Daar sta je dan in the middle of Amsterdam, tussen de olifanten, studio’s en eettentjes. Honger?! Behoorlijk, laten we ergens wat gaan eten.
“Hallo, kunnen we met tien personen komen eten?”
Het heet hier Aguana, het ziet er gezellig uit dus het eten zal vast ook wel ‘gezellig’ zijn. Spijskaarten kennen ze hier niet, niet erg we lezen wel van de borden. Gruyere, pardano, gorgonzola, geitenkaas, parmezaan.. Rib-eye, tongfilet, eendenboutje, lam..

“Mevrouw, mogen we bestellen? Mevrouw?! Mevrouw?”
Een ogenblik geduld alstublieft. Daar komt mevrouw weer aan, drinken? Een cola, cola, nog een cola, cola èn nog een cola. Wat een variatie.
Ondertussen begint de tent al aardig vol te lopen, mevrouw volgende keer wat meer personeel inplannen?
We zijn net open, dus het is een beetje hectisch.. Goede reden, maar moeten de gasten hier iets van kunnen merken? Is het ook een goede reden om het bestek dan maar niet te poleren?

“Mevrouw, mogen we bestellen? Mevrouw?! Mevrouw?”
Rib-eye, eendenboutje.. "Sorry, maar we hebben nog twee rib-eyes, één tongfilet, eendenboutjes zijn op in plaats daarvan hebben we zwarte scharrelkippen en de lam is helaas ook op". Nu ontbreekt Aguana niet alleen aan service, maar ook nog aan eten!

Willen jullie nog iets na? Lekker, koffie. Drie cappuccino en een Italian Coffee.
“Italian Coffee? Wat zit daar precies in?”

Volgende keer toch maar de pizzaria?

donderdag 23 oktober 2008

Bananensap en eenzame vrouwen

Vakantieverhalen zijn meestal dodelijk saai. Ik kan het best begrijpen dat mensen hun vreugde willen delen met mij, maar met details over skimutsen schiet ik weinig op. ‘Leuk zeg, en die muts had je gedurende je hele vakantie gewoon op? Jij bent me er toch eentje.’

Ook ik was vorige week op vakantie, zodat ik mijn vrienden erna lastig kon vallen met verhalen over Duitse bierbuiken. Ik bivakkeerde in een studentenkamer in Tübingen, Duitsland (waar anders vind je Duitse bierbuiken?). Mijn vriendin woont daar. Vooraf vroeg ze mij of ik mijn denkbeeldige vriend Bob thuis wilde laten. Meiden ook, die willen altijd alle aandacht. Toch werd het ook zonder Bob een leuke week. Op de elfde verdieping heeft ze een prachtig uitzicht. Lang hebben we staan staren naar bushaltes, en we lachten als mensen de bus misten. Na een paar uur realiseerden we ons dat we heel zielig bezig waren, en besloten we iets te gaan drinken. ‘Ich möchte einen Bananensaft, bitte.’

Ze wachtte tot mijn trein vertrok om mij uit te zwaaien. Of om er zeker van te zijn of ik wel echt weg zou gaan. Even leek het erop alsof ze huilde, maar dat zullen wel tranen van blijdschap geweest zijn.

In Plochingen moest ik overstappen. Een oud vrouwtje dat even daarvoor met een zaklamp in een prullenbak scheen, kwam naar mij toegelopen en mompelde iets onverstaanbaars.
‘I’m sorry, I can’t speak German’, luidde mijn antwoord. Ze probeerde het vervolgens in het Engels, wat de verstaanbaarheid niet bepaald ten goede kwam. Ik besloot haar te negeren, maar het vrouwtje gaf niet op.
‘Cold, cold,’ zei ze en wees vervolgens naar de wachtkamer op het perron, ‘warmer there!’
‘Thank you, ma’am, but my train arrives in two minutes.’
Toen vertrok ze maar alleen naar de wachtkamer. Dat was al de tweede die ik die nacht eenzaam achterliet. Schoft die ik ben.

U zit toch in de politiek of niet dan soms?

Deze woorden waren de inleiding van een kort maar interessant gesprek met niemand minder dan Camiel Eurlings de minster van Verkeer en Waterstaat.
De heer Eurlings kwam met een volmondige ‘ja dat klopt inderdaad’, op de vraag en na een paar wellicht genante seconden kon het gesprek zich vervolgen. Daar stonden wij dan, 5 eerstejaars studenten van de opleiding Journalistiek, met de heer Eurlings in een klein entreehalletje te praten. Er werden vragen gesteld zoals ‘heeft u weleens een mediatraining gedaan?’ of een andere vraag was ‘blijft u uw hele leven in de politiek, denkt u?’

Mediatraining was niks voor hem, je leert daarmee omgaan in de praktijk verklaarde de heer Eurlings.
Het leek de heer Eurlings wel leuk om eens in de schoenen van een journalist te willen staan om dan de andere kant te ervaren.
En een heel leven in de schijnwerpers als politicus zag hij ook niet zo zitten, je moet ook eens iets anders met je leven doen beaamde de minister van Verkeer en Waterstaat.

Ik zelf had ook wel een brandende vraag voor de heer Eurlings en als dit geen uitgesproken moment zou zijn dat wist ik het ook niet meer. Het ging mij om de definitieve openstelling van de Roertunnels. Ik zag dat hij even moest nadenken om een passend antwoord te geven. Hij gaf zelf aan dat dit project hem wel het meeste aan het hart lag, omdat hij al van het begin al heel intensief bij het project betrokken is. En wat natuurlijk ook niet onbelangrijk dat hij uit Limburg komt waar dit zich allemaal afspeelt.
Met wat aarzeling in zijn stem noemde hij februari 2009 als datum voor de definitieve openstelling van de Roertunnel. Maar hij gaf zelf aan dat er nog wel het een en ander moest gebeuren aan de veiligheid.

Met deze vraag kwam langzaam onze ontmoeting tot een einde, wat ik eigenlijk wel jammer vond en ik denk dat mijn medestudenten hetzelfde wel beaamden.

Sweet Home Tilabama

Toen ik in 2006 naar the USA vertrok om daar mijn ‘american-dream’ te beleven, was ik ervan overtuigd dat ik daar het jaar van mijn leven zou krijgen.
Echter, dit mislukte en binnen 4 maanden stond ik weer op de stoep voor mijn ouderlijk huis.
Misschien ook wel niet zo gek, ik kreeg immers een gastgezin aangewezen woonachtend in een verschrikkelijk vissersdorp in de staat Alabama, en Alabama is geen New York.

Ik droeg een zeer degelijk uniform, begon om kwart over zeven met school en zat tijdens lunch-wave aan de ‘exchange-student-table’. Ik propte me vol met amerikaans eten, bewoog zo min mogelijk en stond in de file door die stomme gele schoolbussen. We brachten hele middagen door in restaurants of in ‘the mall’ en iedere vrijdagavond gingen we braaf naar de footbalgame om ‘onze jongens’ aan te moedigen. Het enige wat miste aan het hele beeld was eigenlijk de jongen die ’s morgens vroeg de krant op ons grasveld zou moeten smijten.

Zo’n twee maanden geleden vertrok ik vanuit het noordelijkste punt van Noord Holland naar Tilburg om daar op kamers te gaan. Tilburg is geen New York, maar Tilburg is gelukkig ook geen Alabama.
Dus heb ik nu de ‘Hi ya’ll’ en de country muziek ingewisseld voor ‘houdoe’ en de Guus Meeuwis meezingers.
Er is hier geen Starbucks op de hoek, maar wel een AH. De vrouwen lopen hier niet, net als in Sex and the City, op Monolo Blahniks maar op platte ballerinaatjes. Paraderen niet over het trottoir maar kauwen ordinair op hun kauwgom terwijl ze over de paaltjes voor het stoplicht staan te aaien.Ze schreeuwen niet om een ‘yellow cab’ maar fietsen door de regen, en MR. BIG ben ik ook nog niet tegen het lijf gelopen.
Wel heb ik hier een bureau aan het raam voor misschien wat extra inspiratie. Maar dat is natuurlijk zonder uitzicht over Manhatten of Central Park.
Toch heb ik iets wat Carry Bradshaw niet heeft; Een ligbad en een vaatwasser.
Ik denk dat ik hier wel kan wennen.

HOUDOE!

woensdag 22 oktober 2008

Zo goed als Failliet? Hier is je bonus!

Extra bonus voor Fortis medewerkers, ik was nogal verbaasd toen ik die kop zag. Het uitje in Monaco was al niet goed gevallen, dit lijkt me toch ook geen positief nieuws voor het aandeel van Fortis. Hoe kan het dat een bedrijf dat balanceerd op de afgrond, dat gered wordt door de overheid met ons belastinggeld (waar ik overigens volledig achter sta) en vervolgens doodleuk zijn medewerkers gaat paaien om ze te kunnen behouden?

Zo goed hebben die medewerkers het toch ook weer niet gedaan? Anders waren de problemen bij Fortis lang niet zo groot geweest als ze nu zijn. Normaal gesproken ben ik niet echt van de linkse kant, maar nu gaan ze toch wel te ver. Teruggeven dat geld, dit jaar maar geen nieuwe BMW.

Tijd om over te gaan op de
geenstijl manier, bankiertje pesten op het damrak.

Gezocht: 8 ton

De politie is op zoek naar de 804.500 euro die ze kwijt is geraakt bij het terugkopen van gestolen schilderijen uit het Frans Hals museum. Bij invallen in de woningen van de hoofdverdachte en zijn vaders is slechts 195.500 euro van het totaalbedrag (€1 miljoen) teruggevonden. De rest schijnt spoorloos verdwenen te zijn. En dat terwijl de nummers van de biljetten bekend zijn bij justitie. De vijf schilderijen hebben een totale marktwaarde van 3 miljoen euro.

Dat brengt me meteen bij mijn eerste vraag. Waarom hebben die helers de schilderijen niet voor meer geld verkocht? Één van de betrokkenen had ervaring in de kunsthandel en kon vast wel de waarde inschatten.
En daarnaast: wat doet justitie moeilijk? Bij de arrestatie heeft de politie drie dure auto's en twee motoren in beslag genomen. Als je die verkoopt, kun je een gat van acht ton al redelijk dichten natuurlijk.

Eerlijk gezegd denk ik dat er meer achter zit. Volgens mij hebben ze dat 'verloren geld' stiekem op Icesave gezet. Gewoon een jaartje of wat profiteren van die aantrekkelijke rente. Om vervolgens het geld na een 'anonieme tip' alsnog te vinden en er zelf een mooi spaarcentje aan over te houden. En nu was dat plan bijna in het water gevallen. Gelukkig kwam daar reddende engel Wouter Bos die al het Nederlandse spaargeld bij Icesave garandeerde. Dus straks komt dat geld terug bij de politie. Ik zou ook niet raar staan kijken als die tonnen ergens in het komende half jaar ineens opduiken. Linksom of rechtsom.

dinsdag 21 oktober 2008

‘ Risicogroep 3: Sportjournalisten’

Dit was de kop van een artikel in de volkskrant van vandaag. Toen ik het las dacht ik, risico’s? Voor sportjournalisten? Nee, dat kan toch niet, die schrijven toch gewoon gezellig over voetbalwedstrijden en curlingcompetities? Maar niets is minder waar. In 2005 is al uit onderzoek gebleken dat sportjournalisten tot de risicogroep behoren, maar nadat Johan Derksen vorige week bedreigd werd (een tilburgse man had gedreigd Derksen neer te schieten als hij zondag naar de wedstrijd Willem II - Feynoord zou komen) laaide de discussie weer op. Andere sportjournalisten hadden het ineens overal over de bedreigingen aan hun adres. Zo vertelde Mart Smeets in een column dat hij binnen korte tijd vier dreigbrieven ontving en dat hij aangevallen was op straat. Ook Hugo Borst vertelde dat hij regelmatig ‘ intimiderende’ mails ontvangt. Verder werden de afgelopen tijd onder andere Frits Barend, Humberto Tan en Wilfred Genee bedreigd. Dit gebeurt dan vooral door voetbalsupporters. En in bijna alle gevallen houden ze na een bedreiging hun mond, op aanraden van de politie. Als dit dus alleen maar de mensen zijn die hun scheur opentrekken kun je nagaan hoeveel meer er wel niet worden bedreigd. Wat de oorzaak van deze stijgende dreiging is weet Hugo Borst makkelijk te verklaren: ‘ Het zal wel iets met de huidige tijd hebben te maken. Wij zeggen en schrijven veel duidelijker dan vroeger waar het op staat. En dat doen de mensen die ons horen en lezen ook.’ Nou, dat is weer lekker makkelijk. Het hoort gewoon bij de tijd. Waar het eens tijd voor wordt is om die gefrustreerde supporters eens hard aan te pakken!

Minuut per dag voor de kinderen

CANBERRA - Australische vaders zijn doordeweeks ongeveer 1 minuut per dag alleen met hun kinderen.
Dat blijkt uit een onderzoek waaruit Australische media maandag citeerden. Tijdens een werkweek besteden de vaders in totaal ongeveer 1 uur aan hun kinderen, becijferde sociologe Lyn Craig. Circa 90 procent daarvan wordt echter samen met de moeder gedaan. Van maandag tot en met vrijdag brengen de onderzochte vaders in totaal slechts 6 minuten alleen door met hun kroost, iets meer dan 1 minuut per dag. Vaders houden zich in de opvoeding vooral bezig met ,,fun stuff'' zoals spelletjes, blijkt uit het onderzoek. De huishoudelijke taken, zoals de baby in bad doen en te eten geven, vallen vooral op het bord van de moeders. ,,Opvoeden is het beroep van de vrouw en de hobby van de man'', concludeerde Craig.

BRON: Algemeen Dagblad 20 oktober 2008


Wow! Dit is moet niet kunnen toch? Hoe kan een vader maar zo weinig tijd voor zijn kinderen vrij maken?Ik was altijd blij dat papa weer thuis kwam van het werk om samen met ons te eten, daarna mij naar het turnen bracht om vervolgens nog een uur te blijven kijken. Heerlijk!

Dat zouden de kinderen toch vervelend vinden? of zouden ze gewoon zo zijn opgevoed?
Vooral vind ik het jammer voor de kinderen, ik heb namelijk altijd een leuke tijd met ons pap.
Lekker dansen, beetje door het bos wandelen, samen kaarten, samen ezeltje prik spelen, samen gekke bekken trekken. De aanwezigheid van je vader zou meer moeten zijn dan een minuut per dag, want ik geniet elke dag weer als mijn vader thuis komt.

Roken

Mijn meest slechte gewoonte is denk ik wel roken, het begint met ‘Je bent stoer als je rookt’ en het kan eindigen met copd of zelfs kanker. Ik was dertien toen ik mijn eerste sigaretje rookte, al mijn vrienden deden het dus om er bij te horen deed ik het ook. Al moet ik wel zeggen dat ik door mijn eerste sigaretje ook mijn eerste bijna dood ervaring heb gehad. Op het bankje in het park zaten we dan met zes vriendinnen, ik kreeg mijn eerste sigaretje aangeboden. Hoe steek je zo’n ding aan? Daar ging ik dan, dat was denk ik één van de meest genante dingen in mijn leven, ik rookte namelijk niet over mijn longen en ik voelde me echt heel stoer. Mijn vrienden lachen en vertelden me hoe ik het precies moest doen… 'Je moet gewoon de rook doorslikken'… en dat deed ik dus, ik heb een half uur aan een stuk staan hoesten, ik dacht dat ik dood ging. Mijn ouders wisten het eerste jaar van mijn rook-carrière nog niet dat ik rookte, natuurlijk hadden ze het wel door, je ruikt het zo goed. Mijn moeder vond mijn pakje sigaretten in mijn jas, twee dagen later vond ik in dat pakje een briefje: ‘Het is jouw leven, het is jouw hart en het zijn jouw longen.’ Vanaf dat moment rook ik gewoon thuis. Nu ben ik vijf jaar ouder en ik rook nog steeds vier a vijf pakjes in de week. Ben ik verslaafd? Ik vind het idioot als een meid van achttien jaar jong zegt ‘Ik ben verslaafd aan roken.’ Als een veertigjarige shagroker zegt ‘Ik ben verslaafd ik rook al zevenentwintig jaar’ dan ben je verslaafd. Heb ik ooit geprobeerd te stoppen? Ieder jaar kom ik met het goede voornemen om te stoppen en dat houd ik dan ook ieder jaar vier dagen vol. Je moet pas stoppen als je wil groter is dan je lust en niet als je lust groter is dan je wil. Op dit moment is mijn lust nog groter dan mijn wil. Ik kan het ook niet missen, ik vind roken gezellig, het heeft iets. Bullshit dus, want het is slecht voor je gezondheid, het is ontzettend duur en het stinkt. Aan roken zitten geen voordelen, alleen maar nadelen. Toch roken? Als je aan mensen vraagt waarom ze zijn begonnen met roken geven ze allemaal hetzelfde antwoord ‘Het was stoer en nu kom ik er niet meer vanaf.’ Denk daar maar aan als je begint met roken

maandag 20 oktober 2008

Dat kan ik ook

En daar was Nico Dijkshoorn met zijn 'gedigtenbundel'. Echt ongelofelijk dat je daar geld mee kunt verdienen. Mijn eerste reactie was: dat kan ik ook. Zoals ik die wel vaker heb. Bijvoorbeeld bij het nieuw gekochte productieschilderij van moeder gemaakt door een semi-bekende kunstenaar. Deze keer heb ik het echter niet bij deze gedachte gelaten, maar de daad bij het woord gevoegd. Hieronder het resultaat. (geschreven zoals Nico het zou voorlezen)

Het volgende gedicht heet P. Kouwes

P. Kouwes
Dat
kan
ik
ook

Het volgende gedicht heet Vrouwen

Vrouwen
Je kunt
beter
kippen
houden

Het volgende gedicht heet Fail

Fail
Zijn
imitatie
van
Borat
maakte
op haar
geen
indruk

Het volgende gedicht heet Famous last words

Famous last words
AAAAAAAAAAAAAAAAAAAAH

maandag 6 oktober 2008

Nooit meer stilte.....

Mijn fiets staat eenzaam tegen een prullenbak geparkeerd. Een stukje verderop zit ik in het gras. Het is nog vochtig van de vorige regenbui. Normaalgesproken zou ik een bankje opgezocht hebben om vervolgens op het enige vogelpoepvrije stuk te gaan zitten, maar vandaag kan het me niet schelen; vochtige kont of niet. Ik heb andere dingen aan mijn hoofd, die niet zomaar weggaan als natte plekken op je broek.
In gedachte glijden mijn ogen over het water. Het deinst mee op de bewegingen van de wind. Nu pas merk ik hoe hard ik heb gefietst. Mijn ademhaling is onregelmatig, mijn blik nog steeds stak op het water gericht.
Gek eigenlijk; wanneer ik erover nadenk kan ik me de laatste keer dat ik stilte hoorde niet herinneren. Toch verlang ik ernaar terug. Ik wil rust in m’n hoofd maar ruis vergezelt mij onafgebroken. ..altijd.
“Tinnitus” is in Nederland een vrij onbekend begrip. Ik begin al niet meer met de zin: ‘Ik heb tinnitus’. Ervaring leert dat ik er daarna toch nog zinnen achteraan moet plakken om mijn woorden kracht bij te zetten. Niet alleen onbekend; het hele probleem wordt ook onderschat. Wanneer ik vertel dat ik last heb van oorsuizen komt steeds eenzelfde zinnetje terug: “wanneer ik erop ga letten, heb ik het ook…” Begrijp mij niet verkeerd, er wordt wel degelijk onderzoek gedaan, maar voorlopig moeten we het doen met:’Je moet ermee leren leven”. En het feit dat de spellingscontrole op mijn laptop het woord ‘tinnitus’ niet kent zegt voldoende….